Joodse cultuur in het Hebreeuws

Joods Leven in Europa buiten de grote steden

Logo EU-kaderprogramma voor cultuur "Cultuur 2000"
Beeldmerk van het Landschaftsverbandes Westfalen-Lippe
Westfalen
Groningen
Lublin

contact contact |  tijdbalk tijdbalk |  woordenlijst woordenlijst |  literatuur literatuur |  links links | Filmdocumenten van het project film | Geluidsdocumenten van het projectgeluid |  help help |  Duitse pagina D  |  Nederlandse pagina NL  |  Poolse pagina PL  | 

  U bent hier: Home


Kleermakers, schoenmakers en meubelmakers


In de Krawiecka-straat leefden ondanks haar naam vooral schoenmakers en maar een paar kleermakers.

Joodse smeden Joodse smeden, prentbriefkaart begin 20ste eeuw.
Es woonden ook vele meubelmakers, bovendien waterdragers en breiers. Deze beroepen werden later niet meer uitgeoefend. In de Krawiecka-straat woonden bovendien vele arbeiders. De grootste groep vormden echter de bedelaars en de werkloze mensen.

Het werk van de schoenmaker was erg zwaar en men verdiende er nauwelijks iets mee. De werkplaats bevond zich in 't algemeen in een kamer, die gelijktijdig ook als woning voor de familie diende. Meestal zag het er zo uit: Bij het raam stond een tafel, op de tafel lagen spijkers, stukken leer en blikjes met lijm. Naast de tafel hingen hamers. Daarnaast stonden twee krukjes, een voor de schoenmaker en de tweede voor de klant. De vloer was bezaaid met leerresten.

Krap kamertje


In het overige deel van de kamer stonden twee bedden, een tafel en een paar stoelen. Aan een speciaal rek hingen een paar pannen. In dit deel van de kamer brachten de kinderen hun tijd door, hier aten ze, maakten hun huiswerk en deden spelletjes. Hier maakte de huisvrouw, wanneer ze wat had, het eten voor de familie klaar.
Waterdrager in Lublin Waterdrager in Lublin. Prentbriefkaart uit de tijd van de Duitse bvezetting.
Foto: "Brama Grodzka Teatr NN"
Het werk van de last- en waterdragers was ook zwaar. Zij droegen voor de mensen de gekochte waren zoals kolen en hout. Ze stonden steeds in groepjes op de hoek van de straat en wachtten op klanten, die hen opdroegen om hun zware waren over een grote afstand te dragen.

Vaak werden ze ook door de winkeliers in dienst genomen om zware zakken in de zaak te dragen. Dit werk werd uitsluitend door sterke mannen met brede schouders verricht. De aderen op hun handen waren steeds dik gezwollen, hun handen waren vol met afdrukken van de lasten. Men zei dat de lastdragers zelfs een kast op hun rug konden dragen.

Minimaal inkomen


Sommigen konden zelfs vijfhonderd kilo op hun schouders nemen. Hun loon was minimaal, maar dagelijks was er gelegeneheid om zulk werk te vinden. Omdat in de woningen geen waterleiding was, nam men vaak waterdragers in dienst. Het water werd uit de openbare waterleiding gebracht. De waterdrager droeg twee emmers water aan een speciaal touw op zijn rug. Daarvoor ontving hij een karig loon.
Vrolijke Norman  schoenmaker uit Puławy Schoenmaker uit Puławy, Vrolijke Norman genoemd.
Foto: "Brama Grodzka Teatr NN"

Thuiswerk


Het meest typische beroep was kleermaker. Deze werkten hoofdzakelijk thuis. Vaak hadden ze maar een vertrek nodig, waarin een kleermakersbankje stond.

De jood werkte daar, at, woonde en 's nachts legde hij een strozak neer of klapte zijn bed uit en sliep. Vele van hen werkten alleen, maar sommigen hadden hun hulpjes. Ze naaiden alles: Pakken, mantels, vrouwenkleren en de mutsen op de markt. In de Krawiecka-straat 41 woonden twee twee kleermakers: Mordechaj Goldberg en Moszek Fenstermacher.