Joodse cultuur in het Hebreeuws

Joods Leven in Europa buiten de grote steden

Logo EU-kaderprogramma voor cultuur "Cultuur 2000"
Beeldmerk van het Landschaftsverbandes Westfalen-Lippe
Westfalen
Groningen
Lublin

contact contact |  tijdbalk tijdbalk |  woordenlijst woordenlijst |  literatuur literatuur |  links links | Filmdocumenten van het project film | Geluidsdocumenten van het projectgeluid |  help help |  Duitse pagina D  |  Nederlandse pagina NL  |  Poolse pagina PL  | 

  U bent hier: Home


Julia Culp: van jodenbuurt tot Witte Huis


De "Hollandse nachtegaal" werd ze genoemd.

Julia Culp in Berlijn Door Julia Culp gesigneerde foto van zichzelf, rond 1903. Het was de tijd waarin ze beroemd werd in Berlijn. De foto is dan ook door een Berlijnse fotograaf gemaakt.
Julia Culp werd in de 19e eeuw een van de beroemdste zangeressen van Nederland, ondanks haar eenvoudige én Joodse afkomst. Ze werd geboren in de jodenbuurt van Groningen en was daar nog "een jodenkind waar niemand mee om mocht gaan". Maar eenmaal beroemd trad op voor de grootsten der aarde, zoals de Amerikaanse president en de Duitse keizer.

Muziek zat de familie Culp in het bloed, al generaties lang. Julia’s betovergrootvader Simon en overgrootvader Baruch waren chazzan  Deze term opzoeken in het glossarium. Haar grootvader Simon Baruch was "artist" en "muziekmeester", maar kon daar niet van leven. Daarom werd hij naast zijn muzikale activiteiten in 1862 schoenmaker in de Steentilstraat in Groningen. Julia’s zus Betsy en een heleboel neven en nichten kregen een muzikaal beroep.

Julia’s vader Baruch Culp was vanaf 1871 contrabassist in het orkest van concertzaal de Harmonie in de Oude Kijk in’t Jatstraat. Hij verdiende daar ongeveer 650 gulden per jaar. Baruch speelde ook graag toneel.
Het geboortehuis van Julia Culp Het geboortehuis van Julia Culp in de Folkingestraat in Groningen, op de hoek met de Nieuwstad. Het huis is nu gesplitst. In het gedeelte aan de Folkingestraat (rechts van de hoek) bevindt zich een modewinkel, in het gedeelte aan de Nieuwstad (links van de hoek) een bordeel.
Foto: Marcel Wichgers

Al vroeg een instrument


Baruch trouwde in 1879 met Sara Cohen. Zij werd in 1852 geboren in de Gelkingestraat op nr. 23. Na hun huwelijk gingen ze wonen in de Folkingestraat op nr. 59, op de hoek met de armoedige Nieuwstad. Hier werd Julia Bertha (vernoemd naar oma’s Judik en Betje) op 6 oktober 1880 geboren. Korte tijd later verhuisde het gezin naar Zuiderdiep nr. 100. Haar zusje Bertha Julia (ook wel Bep of Betsy genoemd) werd daar in 1884 geboren.

Vader Baruch liet zich in het openbaar Bernard noemen. Thuis werd hij Bobbel genoemd. Dat klonk meer jiddisch. Hij was degene die zijn dochters op het artistieke pad bracht. Betsy mocht piano spelen en Julia kreeg een viool.

Baruch kon niet leven van zijn werk als musicus. Daarom begon hij aan het Zuiderdiep toneelkostuums te verhuren. Ook werd hij een soort impressario die zangers, muzikanten en orkestjes kon ‘leveren’.
In 1918 ging hij op bijna zeventigjarige leeftijd met pensioen. Anderhalf jaar later vertrok hij met zijn vrouw naar Amsterdam.
Gedenksteen in de Folkingstraat Gedenksteen aan de buitenmuur van het geboortehuis van Julia Culp in de Folkingestraat in Groningen.

Jiddische memme


Moeder Sara was het toonbeeld van de traditionele jiddische memme (joodse moeder). Ze trad, anders dan haar man en dochters, nooit op en hielp haar man hooguit af en toe bij de verhuur van kostuums. Ze was vooral moeder en huisvrouw. Volgens Julia zorgde Mempie voor vrolijkheid en gezelligheid in huis. Mempie wilde dat haar beide dochters het ver zouden schoppen. Daarom moesten ze eerst naar een deftige meisjesschool en later, als eerste meisjes, naar de Jongensburgerschool. Bobbel overleed in 1933, Mempie in 1936, beide in Amsterdam.

Lees ook de volgende verhalen