Joodse cultuur in het Hebreeuws

Joods Leven in Europa buiten de grote steden

Logo EU-kaderprogramma voor cultuur "Cultuur 2000"
Beeldmerk van het Landschaftsverbandes Westfalen-Lippe
Westfalen
Groningen
Lublin

contact contact |  tijdbalk tijdbalk |  woordenlijst woordenlijst |  literatuur literatuur |  links links | Filmdocumenten van het project film | Geluidsdocumenten van het projectgeluid |  help help |  Duitse pagina D  |  Nederlandse pagina NL  |  Poolse pagina PL  | 

  U bent hier: Home


"Groninger gewetensdwang": orthodoxie versus zionisme


Het zionisme leidde in de stad Groningen tot grote verdeeldheid.

Bekendmaking voor een vergadering van de Nederlandse Zionistenbond in het dorp Stadskanaal. Activisten van de Nederlandse Zionistenbond droegen het zionisme ook uit onder de joden op het platteland, zoals hier in Stadskanaal.
(RHC GrA VJS)
Aan het eind van de 19e eeuw vonden in het oostelijk deel van Europa pogroms plaats. In landen als Duitsland en Frankrijk was een toenemend antisemitisme te bespeuren. Van de hooggestemde idealen over de emancipatie van de joden uit het begin van de eeuw leek niets terecht te komen. Als antwoord hierop ontstond de zionistische beweging. Zij streefde naar een nieuw joods zelfbewustzijn. Ook wilden de zionisten de stichting van een joodse staat, die de joden zou kunnen vrijwaren van vervolging en onderdrukking. De grote voorman van deze beweging was de Weense journalist Theodor Herzl (1860–1904).

Terughoudend


In Nederland reageerde de joodse gemeenschap over het algemeen lauw op het zionisme. Hoewel het hier niet ontbrak aan anti-joodse gevoelens, was er geen sprake van fel antisemitisme. En ook het proces van assimilatie, de vergaande en vaak gedwongen aanpassing aan de niet-joodse meerderheid, verliep in Nederland heel anders. Van dwang was geen sprake. De joden hier zagen het zionisme meer als een interessante theorie voor joden uit het oosten, maar van weinig nut voor Nederlandse joden.
Opperrabbijn EliŽzer Hamburg De fel anti-zionistische opperrabbijn van Groningen EliŽzer Hamburg.
(Groningsche Volksalmanak 1919 p. 162)
In 1899 werd de Nederlandse Zionisten BondDeze term opzoeken in het glossarium (NZB) opgericht. Twee jaar later, in 1901, vond in Groningen een bijeenkomst plaats om de joden hier met het zionisme bekend te maken. De joodse arts Eliazer Hildesheim werd tot voorzitter van de nieuwe afdeling benoemd. De Bond telde maar weinig leden en dan nog vooral ook onder de meer geseculariseerde joden. Het joodse establishment en zeker de geestelijkheid zag niets in deze nieuwlichterij. De grote meerderheid van de rabbijnen sprak zich tegen de beweging uit. De orthodoxie leerde immers dat de stichting van een joodse staat was verbonden met de komst van de Messias en niet door de inspanningen van een joodse journalist uit Wenen gerealiseerd kon worden.

Grote verdeeldheid onder de joden


Hoewel de afdeling Groningen van de NZB maar een klein aantal leden telde, zou het zionisme in de stad toch tot grote verdeeldheid onder de joden leiden. Hierin werd niet alleen in de lokale pers veel aandacht besteed, maar ook in de landelijke joodse pers. De onenigheid zou bekendheid krijgen als "de Groninger gewetensdwang".
De zionistische opperrabbijn Bernard Davids Na de orthodoxe EliŽzer Hamburg zou Groningen louter nog zionistische opperrabbijnen kennen, zoals Bernard Davids (1926–1932) in zijn studeerkamer.
(RHC GrA Tg 1785 invnr. 10283)
Na 32 jaren dienst nam in 1909 de oppervoorzanger Juda Izaäk Vleeschouwer ontslag. Een van de sollicitanten voor de vacante functie was de Hilversumse voorzanger Georg Hen: een zionist. Hoewel hij aan alle gestelde eisen voldeed, liet men Hen niet toe tot een proefdienst. De opperrabbijn EliŽzer Hamburg blokkeerde namelijk zijn benoeming. Hij eiste dat Hen af zou zien van steun aan het zionisme. Hen was bereid zijn propagandistisch werk te staken, maar wilde niet zijn steun aan het zionisme onthouden.

Protestdemonstratie


Voor het kleine groepje zionisten in Groningen was het een uitgelezen kans om hun beweging meer bekendheid te geven. Zij belegden een protestdemonstratie die opmerkelijk goed werd bezocht. De aanwezigen dreigden zelfs met afscheiding als het bestuur van de joodse gemeente de opperrabbijn geen halt zou toeroepen. Toevallig was er tezelfdertijd een bestuurspost vacant in het algemeen bestuur van de joodse gemeente. De zionisten droegen een van hun medestanders voor als kandidaat. Deze kreeg echter van de stemgerechtigde lidmaten te weinig stemmen en dolf het onderspit tegen de niet-zionistische kandidaat.

Tussen beide partijen, die eerst nog zo onverzoenlijk tegenover elkaar stonden, werd de lieve vrede na bemiddeling getekend. De zionisten gaven hun poging tot afscheiding op en de opperrabbijn verklaarde geen bezwaar tegen een mizrachi (orthodox-zionistisch) kandidaat te hebben.

En in Lublin...

Lees ook de volgende verhalen