Joodse cultuur in het Hebreeuws

Joods Leven in Europa buiten de grote steden

Logo EU-kaderprogramma voor cultuur "Cultuur 2000"
Beeldmerk van het Landschaftsverbandes Westfalen-Lippe
Westfalen
Groningen
Lublin

contact contact |  tijdbalk tijdbalk |  woordenlijst woordenlijst |  literatuur literatuur |  links links | Filmdocumenten van het project film | Geluidsdocumenten van het projectgeluid |  help help |  Duitse pagina D  |  Nederlandse pagina NL  |  Poolse pagina PL  | 

  U bent hier: Home


"Viadrina Mensur" – een "schlagende Verbindung" (een studentencorps waar geduelleerd wordt) voor joden


Benno Jacob verdedigde zijn Duitse identiteit als jood hartstochtelijk tegen iedere vorm van antisemitisme.

De asbak uit de nalatenschap van Benno Jacob De asbak uit de nalatenschap van Benno Jacob met de inscriptie "Niemand darf mich ungestraft beleidigen" – in bruikleen van zijn kleinzoon.
Foto: Joods Museum Westfalen
Zo gedroeg zich Jacob tijdens zijn studietijd niet als toekomstige geleerde en leraar, maar als strijder en verdediger van de joodse eer.

Hij was in 1886 medeoprichter van de eerste joodse studentenvereniging in Breslau, de "Viadrina Mensur", een studentencorps waarin geduelleerd werd, en die zich tegen het antisemitisme aan de universiteiten teweerstelde.

Verdediging van de joodse eer


De gevolgen van zijn duellen, de zogenaamde "Schmisse" (littekens), droeg Jacob met trots, want de oprichters ging het daarbij om de verdediging van de joodse eer. Een asbak met de naam van het corps schonk Jacob later zijn zoon Ernst, toen deze zijn studie begon en lid van het corps werd.
Dit herinneringsstuk overleefde de emigratie naar Engeland en de verdere migratie van zijn familie naar de USA. Benno Jacob's kleinzoon, de liberale rabbijn Walter Jacob uit Pittsburgh, stelde de asbak met het Latijnse verenigingsmotto ter beschikking van het "Jüdische Museum Westfalen": "Nemo me impune lacessit." – dat betekent: Niemand mag mij ongestraft beledigen.